Hoe is het om de broer of zus van een tweeling te zijn?


 

Dat de ontwikkeling van een tweelingkind in bepaalde opzichten anders verloopt als gevolg van het tweeling-zijn is bekend. Als je op zoek gaat naar informatie over dit onderwerp dan kom je van alles tegen over concurrentie, dominantie, hechte band, onderlinge vergelijking, en nog veel meer onderwerpen die je ook kunt vinden op twinsvideoblog.nl.

Kay, Lois en Lora

Kay, Lois en Lora

Maar je leest veel minder over wat het betekent voor een kind om de broer of zus van een tweeling te zijn. Ik krijg hier regelmatig vragen over. En dan vooral de vraag: hoe kan ik ervoor zorgen dat mijn kind zich minder buitengesloten voelt? Want dit is vaak een belangrijke oorzaak voor het ontstaan van probleemgedrag, zoals het steevast op een negatieve manier aandacht vragen. Het is best lastig om hier goed mee om te gaan. Je kunt namelijk niet altijd voorkomen dat een kind zich buitengesloten voelt.

Veel tweelingkinderen hebben nou eenmaal een hechte vand met elkaar. Ze trekken veel met elkaar op, ze spelen veel samen en ze slapen misschien ook op dezelfde kamer. Het is dus niet zo verwondelijk dat ze een hecht team vormen. Voor buitenstaanders is dit best wel eens lastig. Soms merk je ook als ouder dat je tweelingkinderen meer aandacht hebben voor elkaar dan voor jou.

Voor je tweelingkinderen zelf is het natuurlijk fijn om een maatje te hebben. Maar voor je andere kind kan het lastig zijn om hier goed mee om te gaan. Je kunt je tweelingkinderen natuurlijk niet verplichten om een minder hechte band te hebben. Maar je kunt ze wel leren om voldoende rekening te houden met andere kinderen.

Tweelingkinderen zijn over het algemeen bijzonder sociaalvaardig. Dat komt door de situatie waarin ze opgroeien. Soms zijn tweelingkinderen iets teveel gericht op elkaar, waardoor andere kinderen zich buitengesloten kunnen voelen. Het is dus belangrijk dat je kinderen zich bewust worden van het effect van hun gedrag. Je kunt hun sociale gedrag verbeteren door het zelfinzicht van je kinderen te vergoten. En dat is fijn voor je kinderen en voor hun omgeving.

Hier volgen wat tips:

  • Moedig je kinderen aan om andere kinderen bij hun spel te betrekken. Je kunt ze stimuleren om andere kinderen mee te laten spelen, door ze een duidelijke functie in het spel te geven. En dan het liefst iets dat bij dit kind past. Zo kun je een ouder broertje of zusje de rol van scheidsrechter geven, of je kunt zeggen: Zij kan erg goed tekenen. Misschien kun je haar wel een plattegrond laten tekenen waarop jullie kunnen verder spelen?
  • Geef zelf het goed voorbeeld: laat zien hoe je andere kinderen uitnodigt om mee te doen. Een goed voorbeeld doet volgen. Laat dus zelf ook zien dat je het belangrijk vindt om anderen erbij te betrekken en laat zien hoe je dat doet. Dus stel dat je met één kind een spelletje aan het doen bent, en de ander wil ook meespelen, dan kun je dit kind erbij betrekken door het bijvoorbeeld op schoot te nemen om mee te kijken, of je kunt dit kind voorstellen om er gezellig bij te komen zitten en een tekening te maken.
  • Spreek je kinderen aan op hun gedrag. Het is belangrijk dat kinderen te horen krijgen wat ze goed doen en wat ze niet goed doen. Daar leren kinderen van. Een kind is zich niet altijd bewust van wat hij doet, daarom moet je hem hier soms op wijzen. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: heb jullie in de gaten dat je broer zich nu buitengesloten voelt? en weten jullie hoe dit komt?
  • Leg uit waarom. Als je wil dat het gedrag van je kind verandert, zul je aan je kind moeten uitleggen waarom dit belangrijk is. Op die manier kun je een kind motiveren om zijn gedrag te veranderen. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: als hij niet mag meespelen, voelt hij zich buitengesloten en dat maakt hem verdrietig. Het is natuurlijk niet leuk als je niet mee mag doen. Dan voel je je alleen. Dat vind jij ook niet leuk, toch?
  • Help je kinderen om op een goede manier met elkaar te communiceren. Met goede communicatie kun je veel problemen voorkomen. Soms sluiten kinderen elkaar buiten als gevolg van slechte communicatie. Help ze dus om aan elkaar uit te leggen wat ze bedoelen. Dus als er ruzie ontstaat, kun je zeggen: wacht even, nu gaat er iets mis. Laten we eens kijken wat er aan de hand is. Volgens mij begrijpen jullie elkaar verkeerd. Ik ga jullie helpen om dit op te lossen, zodat jullie samen verder kunnen spelen en niemand zich buitengesloten hoeft te voelen.

Heb je naar aanleiding hiervan nog vragen? Laat het me dan weten! Ik denk graag met je mee over de opvoeding van je kinderen.

Geef een reactie