| Zygositeitsbepaling en het belang daarvan |
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Argumenten voor correcte zygositeitsbepaling:
Medisch Vanwege de overerving van erfelijke ziekten is het belangrijk om te weten of de kinderen genetisch identiek zijn. Als bij één van de kinderen een erfelijke aandoening wordt geconstateerd, kan kennis over de zygositeit inzicht geven met betrekking tot de prognose bij de ander. Ook zijn één-eiige tweelingen perfecte partners als het gaat om orgaantransplantaties, omdat er geen risico is op afstoting van het overgeplante orgaan. Persoonlijk Het is belangrijk dat meerlingkinderen zich kunnen ontwikkelen tot zelfstandig functionerende individuen. De omgeving reageert soms anders op tweelingen dan op eenlingen. De neiging bestaat om de gelijkenissen te benadrukken en eventuele verschillen te negeren. Maar ook komt het voor dat er juist teveel nadruk wordt gelegd op kleine verschillen. In beide gevallen wordt afbreuk gedaan aan de eigenheid van de kinderen. Doordat er bij één-eiige tweelingen sprake is van grotere gelijkenissen en een grote verbondenheid, hebben ze soms wat meer hulp nodig om te ontdekken wie ze zelf echt zijn. Wetenschappelijk Wetenschappelijk onderzoek bij tweelingen heeft al veel kennis opgeleverd op het gebied van erfelijkheidsleer. Om te kunnen onderzoeken wat de relatieve invloed is van erfelijke factoren en die van omgevingsfactoren, is het noodzakelijk om een vergelijking te maken tussen één-eiige en twee-eiige tweelingen. Hiervoor is correcte kennis van de zygositeit een vereiste. |
(Derom, C. in Boomsma, 2008)
Vaststellen van de zygositeit
Er bestaan verschillende manieren om de zygositeit van een tweeling vast te stellen. Direct na de geboorte (of tijdens de zwangerschap) kun je door middel van inspectie van de placenta over het algemeen goed zien of er sprake is van gedeelde of aparte vruchtvliezen. Als er sprake is van gedeelde vruchtvliezen dan weet je zeker dat de tweeling één-eiig is. Tweelingen die aparte vruchtvliezen hebben, zijn meestal twee-eiig (maar kunnen ook één-eiig zijn). Als ook na de geboorte onduidelijkheid blijft bestaan over de zygositeit van de kinderen kan er met behulp van een zygositeitsschema meer duidelijkheid worden verkregen, al geeft dit geen absolute zekerheid. Om volledige zekerheid te krijgen, kun je tegenwoordig een DNA-onderzoek laten uitvoeren.
Inspectie van de placenta
Het is belangrijk om direct na de geboorte de placenta te laten nakijken, omdat dan kan worden vastgesteld of er sprake is van gedeelde of gescheiden vruchtvliezen. De vruchtvliezen bestaan uit een binnenste en buitenste vruchtzak. Twee-eiige tweelingen hebben altijd aparte binnen- en buitenvliezen en aparte placenta's (een zogenaamde dichoriale zwangerschap). Wel kunnen de placenta's met elkaar vergroeid zijn, waardoor het lijkt op een grote gedeelde placenta.
De meeste één-eiige tweelingen (65%) hebben een gezamenlijk buitenste vruchtvlies met daarin twee aparte vruchtzakken (monochoriaal-diamniotisch), maar het komt ook regelmatig voor (32%) dat ze aparte binnen- en buitenvliezen hebben (dichoriaal) . In sommige gevallen (3%) hebben ze een gezamenlijk buitenvlies en een gezamenlijk binnenvlies (monochoriaal- monoamniotisch). Meer uitleg hierover kun je vinden op de website twinspiratie.nl
Of de vruchtvliezen al dan niet gedeeld worden is afhankelijk van het tijdstip waarop de bevruchte eicel zich heeft gesplitst. Als de splitsing in de eerste 3 of 4 dagen heeft plaatsgevonden, zijn er aparte binnen- en buitenvliezen. In de meeste gevallen zal de bevruchte eicel zich tussen 4 en 8 dagen na bevruchting splitsen, waarna er een gedeelde buitenste vruchtzak ontstaat en in een enkel geval ook een gedeelde binnenzak.
Met behulp van echografie kan vroeg in de zwangerschap (tot ongeveer 14 weken) worden vastgesteld of de kinderen een gezamenlijk buitenste vlies hebben. Ook kan direct na de geboorte worden gekeken hoe de vruchtvliezen eruit zien. Wel is het van belang dat er zorgvuldig wordt gekeken. Soms zijn de twee placenta's zodanig met elkaar vergroeid dat er ten onrechte wordt gedacht dat er sprake is van een één-eiige tweeling. Ook medisch personeel kan zich natuurlijk wel eens vergissen.
Zygositeitsschema
Bij grootschalig wetenschappelijk onderzoek wordt er meestal gebruik gemaakt van een indeling in zygositeit op basis van de informatie die ouders geven. Onderstaand schema is een voorbeeld van een dergelijke methode. Weliswaar is de betrouwbaarheid van deze methode minder groot dan bij DNA onderzoek, toch wordt er met behulp van dit schema een goede indicatie gegeven.
Zygositeitsschema |
| |||
| Gelijkenis in: | Veel gelijkenis | Weinig of geen gelijkenis | Onduidelijk | |
| Lengte Gewicht Gelaatsuitdrukking Kleur ogen Haarkleur Huidtype Persoonlijkheid |
|
|
| |
| totaal: |
|
|
| |
| vragen: | ja | nee | opmerkingen | |
| Lijken ze op elkaar als twee druppels water? Haalt de moeder ze wel eens door elkaar? Haalt de vader ze wel eens door elkaar? Zijn er familieleden die zich wel eens vergissen? Kunnen vreemden ze van elkaar onderscheiden? |
|
|
| |
| Was er een gedeelde placenta? Hebben ze dezelfde bloedgroep? |
|
|
| |
| totaal: |
|
|
| |
| conclusie: | één-eiig | meer-eiig | onduidelijk | |
(Preedy, P., www.twinsandmultiples.org)
DNA-onderzoek
Ouders die zekerheid willen over de zygositeit van hun meerling zijn genoodzaakt een DNA-onderzoek te laten uitvoeren. De kosten die hieraan verbonden zijn, liggen momenteel rond de 250 euro en om die reden zien de meesten daarvan af. Bij sommige meerlingen die staan ingeschreven bij het Nederlands Tweelingen Register wordt er een DNA-test uitgevoerd als onderdeel van het onderzoek waar zij aan deelnemen, maar dit geldt slechts voor een kleine geselecteerde groep meerlingen.
Ouders die willen meewerken aan landelijk onderzoek bij meerlingen kunnen informatie vinden en zich aanmelden bij het Nederlands Tweelingen Register via de website www.tweelingenregister.org of per telefoon 020-5988787. Ook is het NTR op zoek naar oudere (volwassen) meerlingen.
Referenties:
Counsil of Organisation of Multiple Births (COMBO). Declaration of Rights and Statement of Needs of Twins and Higher Order Multiples. Twin Research 1 (1998), 52-55
Derom, C. Een- of twee-eiig? Zygositeitsbepaling en het belang daarvan. In Boomsma, D.I. (2008).Tweelingenonderzoek. Wat meerlingen vertellen over de mens. VU Uitgeverij, Amsterdam
http://www.tweelingenregister.org/nederlands/twinfos/1999_van_twee_naar_eeneiig.html
http://www.twinsandmultiples.org/
| < Vorige | Volgende > |
|---|




